Cursus “Verhalen schrijven” – les 9

Geplaatst: 14 november 2012 in Schrijven

Opdracht

Tijdens de les hebben we aan de hand van een aantal fragmenten telkens een stukje van een verhaal geschreven. Deze waren: 1- iemand loopt over straat; 2- diezelfde iemand vindt iets op die straat; 3- het iets wat de iemand heeft gevonden vormt de aanleiding voor een flashback; 4- de iemand komt weer terug in het nu en loopt verder over straat. Schrijf een kort verhaal n.a.v. deze verhaalfragmenten. Concentreer je op de flashback. Hoe krijg je een mooie overgang naar de flashback en weer terug? Je mag veranderingen aanbrengen in de verhaalgegevens die je in de les hebt bedacht. Maximaal 1 A4.

###

Snip

Jan loopt door een drukke winkelstraat. Vandaag, zo heeft hij zich voorgenomen, gaat hij eindelijk weer eens wat nieuwe kleding kopen. Uit pure noodzaak. Dat er op zaterdag daags voor kerstmis meer mensen op dat idee zouden kunnen komen, daar had hij niet aan gedacht. Hij had er sowieso niet zo bij stilgestaan dat het bijna kerstmis was, maar nu kan hij er niet meer omheen. De hele stad is versierd met slingers, kerstballen, en lichtjes, overal klinkt muziek en op het plein stond een enorme kerstboom. Hij is zo-even ternauwernood ontsnapt aan een grote kerstman die met een luid ‘Ho ho ho’ op hem af was gestormd. Inmiddels is hij weer een beetje tot rust gekomen, maar het ongemakkelijke gevoel temidden van de mensenmassa blijft. Ze lijken allemaal een duidelijk doel te hebben: ze lopen dure kledingzaken in, om er met volle tassen weer uit te komen. Jan is zo’n kledingwinkel zelf wel eens binnen geweest, gewoon om te kijken wat een broek kost, en een trui, een winterjas, of alleen maar een t-shirt van een bekend merk. Sindsdien komt hij er niet meer.

Hij haast zich naar de discount store. Muziek wordt daar nooit gespeeld, het licht van de tl-balken is fel en overzichtelijk. Hij weet dat het hem weer rustig zal maken.  Om zichzelf toch te kunnen trakteren heeft hij net voor één euro een frietje zonder saus gekocht, en is nu op zoek naar een afvalbak om het zakje in te deponeren. Bij de afvalemmer blijft het zakje aan z’n vingers plakken, waardoor het uiteindelijk naast in plaats van in het gat verdwijnt. Hij bukt om het op te rapen, en ziet iets zwarts liggen, een zwarte portemonnee! Zijn hart begint sneller te kloppen als hij hem opraapt. Het ding glimt van nieuwigheid en weegt zwaar in z’n hand. Hij kijkt even om zich heen of iemand hem heeft gezien. Maar nee, hij is onzichtbaar als altijd, en er lijkt ook niet iemand heel driftig op zoek naar verloren geld. Hij stopt de portemonnee snel in de binnenzak van z’n jas, en loopt vervolgens willekeurig een aantal straten in en uit. Als hij voor z’n gevoel ver genoeg verwijderd is van de vindplaats haalt hij het kleinood tevoorschijn. Voorzichtig maakt hem open, een wirwar van vakken en vakjes komt hem tegemoet, hij wordt er zenuwachtig van. Er zit ook een middenvak in, en als hij dat openmaakt worden z’n ogen groot van verbazing. Hij gaat met z’n vingers langs de vele biljetten in verschillende coupures.

Er schieten allerlei beelden door hem heen, en zijn gedachten dwalen af.  Hij loopt met zijn moeder in de stad.
‘Jan, we gaan jou vandaag eens helemaal in het nieuw steken. Zondag komen er veel belangrijke mensen, en dan moeten we een goede indruk maken’.
‘Is dat niet heel erg duur?’, probeert Jan, die niet veel zin heeft om de komende uren als levende paspop te moeten fungeren.
‘Geld speelt geen rol jongen’, daarvan hebben meer dan genoeg. ‘Status, daar draait alles om in het leven’. Zijn moeder opent haar portemonnee en laat de gloednieuwe bruine briefjes van honderd gulden door haar vingers ritselen.
Jan zet grote ogen op. Veel liever had hij die mooie modelspoorbaan gehad, maar verder dat de folder van Bart Smit, waarin het ding met een bedrag van drie cijfers groots werd aangeprezen is hij nooit gekomen. Met al dat geld moest dat toch mogelijk zijn. Maar op verjaardagen werd hem steevast verteld dat hij geen kado’s nodig had. Hij had immers de liefde van zijn ouders, wat meer kon hij wensen? Nou, vriendjes bijvoorbeeld, die bij hem zouden komen spelen, maar nooit kwamen omdat hij niets had om mee te spelen.

Jan loopt verder. De liefde van zijn ouders heeft hij al lang niet meer, en geld evenmin. Hij is zoals zijn vader het eens fijntjes noemde “mislukt in het leven”, en sindsdien is het contact met hen in snel tempo verwaterd. Ik heb m’n ouders en hun zogenaamde nepliefde helemaal niet nodig, denkt Jan vastberaden bij zichzelf. En hun geld ook niet. Ik kan ook gelukkig zijn zonder geld, maar vandaag heb ik kennelijk extra veel geluk. Hij denkt na. Eigenlijk heeft hij geen idee welke kledingzaak hij moet hebben. Op goed geluk loopt hij terug richting het centrum. Op de hoek van de straat komt een hele vrolijke winkel hem tegemoet. In de etalages worden puzzels, poppen, ja zelfs hele kastelen, en natuurlijk de nieuwste computergames aangeprezen. Jan bedenkt zich niet en loopt naar binnen. Die kleding kan best nog wel even wachten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s